Een te hoge of lage lichaamstemperatuur kan ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid en het prestatievermogen. Het is dus belangrijk om lichaamstemperatuur makkelijk én betrouwbaar in de praktijk te kunnen meten, met name in een medische setting, in bepaalde arbeidsomstandigheden en in de sportwereld. Er zijn vele meetmethoden beschikbaar op verschillende plekken van het lichaam, maar elke methode kent de nodige bezwaren. Vooral het continu meten van (veranderingen in) de lichaamstemperatuur in het veld blijft een uitdaging. Daarom worden in de eerste sectie van dit proefschrift de voor- en nadelen van vier praktisch toepasbare meetmethoden voor de bepaling van kerntemperatuur in rust en tijdens inspanning in kaart gebracht.